Stresspsycholoog Johan Op De Beeck

Burn-out

Burn-out treedt op wanneer mensen zich blijven inzetten en hun doelen blijven nastreven ook al krijgen ze onvoldoende waardering voor hun werk, bereiken ze hun doelen onvoldoende, of hebben ze onvoldoende controle over hun werkomstandigheden. Het gaat hier niet om een slechte dag op het werk maar wel over een zich lange tijd te hard inspannen en te lang stress ervaren. Er wordt te weinig ontspanning genoten ter recuperatie van de stress. "Overspannen", "emotionele uitputting" en "demoralisatie" zijn hierbij gepaste Nederlandstalige termen.

Zeer lang blijft bij werkenden met burn-out het geloof aanwezig dat ze hun situatie wel kunnen rechttrekken. De noodzakelijke ontspanning om te compenseren voor inspanning wordt vervangen door zich nog meer inspanning om toch de gestelde doelen te bereiken (bv. door schrappen van middagpauzes). Het zoeken naar alternatieven voor zichzelf leidt niet onmiddelijk tot oplossingen en naast onzekerheid bij zichzelf gaat men ontgoocheling en teleurstelling in de werkomgeving situeren. Cynisme ontstaat. Burn-out kan ontstaan door een gewijzigde werksituatie of organisatie-omgeving. Het kan ook gebeuren dat de aanwezige persoonlijke reserves zijn opgebruikt en men daardoor in een burn-out terecht komt. Stresserende factoren op andere domeinen zoals ziekte, relatieproblemen, hoge belasting door huishouden, kinderzorg, verbouwingen, … kunnen maken dat de voordien aanwezige ontspanning niet meer genomen wordt en er daardoor een burn-out ontstaat op werkvlak.

Burn-out kan je vertalen als “opgebrand zijn”. Je kan het bekijken als een uitputtingsdepressie: een aantal aan depressie verwante kenmerken doen zich voor, maar de oorzaak ligt bij te lang in een stresserende situatie gewerkt te hebben. Burn-out is een verstoring of ontregeling van het stress-systeem en de energiehuishouding. Bij mensen die er kwetsbaar voor zijn, kan het blijven doorwerken met burnout leiden tot chronische vermoeidheid.

Om burn-out te begrijpen kijken we naar stress. Stress is eigen aan het leven en helpt ons om uitdagingen aan te gaan en te overwinnen. Eens een uitdaging overwonnen kijken we met voldoening terug op onze inzet en inspanningen. Deze gang van zaken bevordert onze motivatie: we zijn bereid om dit opnieuw te doen. Demoralisatie is het tegendeel: we zien de zin niet meer om ons opnieuw in te spannen. Demoralisatie verwijst meteen naar een invloed van de omgeving: hiėrarchische oversten, een bedrijfscultuur, politieke beleidsvoerders die in hun uitspraken en/of maatregelen de zin ondergraven van bepaalde arbeid, het behalen van resultaten bemoeilijken of de grote inzet -en het recht op recuperatie- bij bepaalde vormen van arbeid ontkrachten.

Van oorsprong, en biologisch gekeken, is het stress-systeem een overlevingsmechanisme. Oog in oog met een roofdier of met een rivaliserend strijder vechten of vluchten we om te overleven. Ook het snel in veiligheid brengen van onze kroost hoort voor moeders en vaders tot de stressresponsen. De bloedsomloop, het hart, de spieren, de hersenen, de ademhaling e.d.m. worden klaar gemaakt voor een snelle en krachtige lichamelijke reactie op gevaar zodat ons leven weer eens gered wordt. Doorgaans gaat het hier om een kortdurende inspanning, redden we onszelf en zijn we nadien weer in veiligheid.




GEVAAR

VEILIG,
GERED

BIOLOGIE

inspanning

ontspanning

evenwicht en conditie

uitdaging

overwinning

persoonlijke waarden

beginsituatie <=> doel

bereiken streefdoel

. . .

doorzetten, doorbijten

voldoening, opluchting

. . .

inzet

waardering, beloning

waarden organisatie

 

Nog steeds mobiliseert het stress-systeem deze overlevingsreacties ook al zijn velen ervan niet nuttig bij bijvoorbeeld intellectuele uitdagingen. Belangrijker echter is dat ons lichaam goed met stress kan omgaan als deze van korte duur is en nadien gevolgd wordt door een beloning en ontspanning. We kunnen zodus drie fasen onderscheiden: bedreiging (met de inspanning) - gered (ervaren van de beloning) - ontspanning (recuperen in veiligheid).

Langdurende stress, niet gevolgd door voldoening en door ontspanning leidt tot uitputting. Het gevoel controle te hebben in een stresserende situatie geeft enige bescherming bij het niet ervaren van voldoening of waardering.

De activering van het stress-systeem gaat gepaard met een afremmen van het immuunsysteem. Lang en veel gestresseerd zijn betekent meteen minder weerstand hebben tegen ziektes en besmettingen. Ook de slaap, waarin we psychische herstellen, wordt ontregeld. Sommige wetenschappers hanteren de hypothese dat bij het ontstaan van enkele vormen van chronische vermoeidheid er sprake is van de combinatie van uitputting door stress en het opdoen van een (virale) infectie.

Naast een “te veel” kan ook een “te weinig” aanleiding zijn tot burn-out (en verwanten). Een optimaal niveau van werk voor deze persoon op dit moment op het vlak van hoeveelheid, moeilijkheidsgraad, variatie en belangrijkheid is aangewezen.

Perfectionisme houdt in dat mensen bij de vergelijking tussen hun gewenste doelen en de bereikte toestand (zoals die door de persoon waargenomen wordt) vaak concluderen dat de gewenste toestand nog niet helemaal bereikt is. Dit betekent een voortdurende stress (die weliswaar van ernst nog kan verschillen). Perfectionisme kan leiden tot burn-out, maar je hoeft helemaal niet perfectionistisch te zijn om in burn-out terecht te komen.

Hyperventilatie, of snel en oppervlakkig adem halen, treedt op wanneer we voortdurend gestresseerd zijn, voortdurend angstig zijn of voortdurend onze onmacht ervaren. Onze lichamelijke stressreacties worden vaak geactiveerd. Hyperventilatie en burnout gaan vaak hand in hand. Hyperventilatie doet zich ook voor bij andere angststoornissen. Vanuit het lichamelijke perspectief zijn stress en angst nagenoeg hetzelfde.

In menselijke omstandigheden ontstaan stresserende omstandigheden vaak door de betekenis die gegeven wordt aan bepaalde gebeurtenissen, situaties, handelingen van anderen en zichzelf. Door op een andere wijze naar de omgeving en zichzelf te kijken kan stress minderen of verdwijnen.

Nog een andere zienswijze is dat mensen met burn-out er te weinig in slagen om beroep te doen op de hulpbronnen (Engels: resources) rondom hen en in zichzelf. Ze gebruiken onvoldoende hun eigen veerkracht (Engels: resilience) en de veerkracht in hun omgeving.

Lees meer: 50 vragen bij Burn out
Lees meer: Langdurige stress beschadigd het brein (Breinwijzer)